Home  |  Favoriete link  |  Sitemap 

 

Spaanse Literature (3)

De Generatie van’98:

De Generatie van’98 bestaat uit een groep schrijvers die geboren zijn tussen 1864 en 1875. Zij hebben opleidingen die vergelijkbaar zijn met elkaar en ze schijven in de zelfde stijl die helemaal niet te vergelijken is met eerdere literatuur. De gebeurtenis die hen bijeenbrengt is: de ramp van 1898 (Spanje verliest alle kolonies en daarmee alle rijkdommen) en een spirituele leider: Miguel de Unamuno.


Schrijvers
De schrijvers ’98 schreven vooral proza, de enige poëten waren Unamuno en Antonio Machado. Zij waren individualisten en tegendraads. In enkele van hen manifesteerde scepsis, pessimisme en beklemming. Hun oorkeur ging uit naar Europese filosofie, naar filosofe als: Nietzsche, Schopenhauer, Kierkegaard en de Noord-Amerikaanse roman schrijver E.Allan Poe en de Noorse toneelschrijver Ibsen.

  • Pio Baroja (1872-1956) - El árbol de la Ciencia
  • Ruben Dario (1867-1916) - Cantos de vida y esperanza
  • Miguel de Unamuno (1864-1936) - Romancero del destierro, Niebla
  • Ramón del Valle-Inclán (1866-1936) - Sonatas, Tirano Banderas
  • José Martínez Ruiz – Azorín (1873-1967) – La ruta de Don Quijote
  • Antonio Machado (1875-1939) - Campos de Castilla, Soledades
  • José Ortega y Gasset (1883-1955) – La deshumanización del arte


De generatie van ’27

De belangrijkste personen van de Generatie ’27 waren: Pedro Salinas (1892-1951), Jorge Guillén (1893-1984), Gerardo Diego (1896-1987), Federico García Lorca (1898-1936), Vicente Aleixandre (1898-1985), Dámaso Alonso (1898-1990), Luis Cernuda (1902-1963) en Rafael Alberti (1902-1999).


De verhaalkunst uit de jaren dertig en romans over ballingschap

De romans uit de jaren dertig (zoals poëzie) negen naar de Rehumanisatie en de Sociaal Geëngageerde literatuur en lieten het Deshumanisatie van de jaren twintig voor wat het was. In deze stroming vind je weken van de schrijvers Ramón J. Sender, Max Aub, Francisco Ayala, Rosa Chacel. Na de oorlog gingen al deze schrijvers in ballingschap omdat zij voor de Republiek waren. Hun werk kanttekening in de Spaanse literatuur en daar buiten heeft altijd te maken met de oorlog.
De eerste naoorlogse romans In de periode net na de oorlog vindt vanzelfsprekend een literaire evolutie plaats. Zodoende kon de roman zich niet verbinden met de sociale verhaalkunst van de jaren dertig, die verboden werd door het Francoregime, en ook mocht er niet meer geschreven worden, zoals in de jaren twintig. Met dit vooruitzicht van verwarring ontstonden er drie literatuurstromingen alle drie in met een traditionele stijl: ideologisch, realistisch en humoristisch. De vernieuwing begon niet tot aan de jaren vijftig. In de jaren veertig zijn er wel wat uitzonderingen, maar niet veel, zoals C. José Cela, Carmen Laforet en Miguel Delibes.
Het Sociaal Realisme De Spaanse romans pakken in deze periode de nieuwe sociale zorgen op en laten de oude ideeën voor wat het was. In 1951 publiceerde Cela “La Colmena” met een zeer kritische toon. Het Sociaal Realisme voert op en in 1954 bereikt het zijn hoogtepunt en worden er verschillende van dit soort boeken gepubliceerd van: de Ana Mª Matute, Ignacio Aldecoa, Jesús Fdez. Santos, Juan Goytisolo, Rafael Sánchez Ferlosio, Carmen Martín Gaite en Juan García Hortelano.



[Cultuur, Kunst en Literatuur]     [1 2 3]

Islas Baleares La Rioja Castilla y Leon Comunidad de Madrid Extremadura Islas Canarias Andalucia Castilla La Mancha Region de Murcia Comunidad Valenciana Comunitat Catalana Aragón Navarra Paises Vascos Cantabria Asturias Galicia
eXTReMe Tracker